22 MAART 2004. - Koninklijk besluit tot vaststelling van de
procedure en de termijnen voor de Kamers van de Federale Raden en van de
Federale Raden van beroep van de landmeters-experten
ALBERT II, Koning der Belgen,
Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet.
Gelet op de wet van 11 mei 2003 tot bescherming van de titel en van het beroep
van landmeter-expert, inzonderheid op artikel 14;
Gelet op de wet van 11 mei 2003 tot oprichting van federale raden van
landmeters-experten, inzonderheid op de artikelen 2, 5de lid, 5, 8ste lid en
artikel 6;
Gelet op het advies van de Inspecteur van Financiën, gegeven op 27 juni 2003;
Gelet op het advies nr. 35.903/3 van de Raad van State, gegeven op 22 december
2003;
Op de voordracht van Onze Minister van Middenstand,
Hebben Wij besloten en besluiten Wij :
I. Inwerkingtreding
Artikel 1. De wetten van 11 mei 2003 tot bescherming van de titel en van het
beroep van landmeter-expert en tot oprichting van federale raden van
landmeters-experten, alsook het huidig koninklijk besluit treden in werking op 1
oktober 2004.
II. Gemeenschappelijke bepalingen van de Federale Raad en de Federale Raad van
Beroep
Art. 2. De Federale Raden houden zitting in de lokalen van de FOD Economie,
K.M.O., Middenstand en Energie.
Wanneer dit noodzakelijk is kan de voorzitter van een Raad beslissen om op een
andere plaats zitting te houden.
Art. 3. De Raden beraadslagen slechts rechtsgeldig als de voorzitter of zijn
plaatsvervanger en twee werkende assessoren of hun plaatsvervangers aanwezig
zijn.
De zittingen van de Raden zijn niet openbaar.
De beslissingen worden genomen bij meerderheid van stemmen.
Overeenkomstig de artikelen 2, tweede lid, en 5, tweede lid, van de wet van 11
mei 2003 tot oprichting van federale raden van landmeters-experten, is bij
staking van stemmen de stem van de voorzitter doorslaggevend.
De voorzitter leidt de zittingen, hij opent ze en heft ze op, verleent en
ontleent het woord en sluit de besprekingen en de beraadslagingen af.
Art. 4. De Raden doen uitspraak bij een met redenen omklede beslissing.
Art. 5. De Raden kunnen getuigen verhoren, expertises gelasten en alle nodige
onderzoeksmaatregelen treffen. Zij kunnen eveneens hun leden belasten met die
taken.
Art. 6. Eenieder die partij is in een zaak die wordt voorgelegd aan een Raad
heeft recht van wraking in de gevallen bepaald bij artikel 828 van het
Gerechtelijk Wetboek.
Art. 7. De partij die een lid van een Raad wil wraken, moet dit doen voordat
enig verweermiddel wordt aangevoerd en moet de redenen ervan uiteenzetten bij
een ondertekende akte die bij ter post aangetekende brief aan de griffier van de
bevoegde Raad wordt gericht. De akte van wraking wordt onmiddellijk meegedeeld
aan het gewraakte lid.
Dat lid stelt binnen twee dagen de griffier schriftelijk in kennis van zijn
instemming of zijn met redenen omklede weigering. De Raad doet uitspraak over
het verzoek tot wraking.
Art. 8. De definitieve uitspraken van schorsing of van schrapping worden bij de
procureur-generaal bij het bevoegde Hof van beroep aangegeven door de griffier
van de betrokken Raad.
III. De Federale Raad
Afdeling 1. - Inschrijvingsprocedure
Art. 9. De aanvraag om inschrijving op het tableau van de beoefenaars wordt bij
ter post aangetekende brief toegezonden aan de griffier van de Federale Raad.
Art. 10. Geen enkele aanvraag mag worden verworpen zonder dat de aanvrager
gehoord werd of opgeroepen bij ter post aangetekend schrijven. De oproeping moet
minimum veertien dagen vóór de datum van de zitting aan de aanvrager worden
betekend.
De aanvrager kan zich laten vertegenwoordigen of bijstaan.
Wanneer hij niet vertegenwoordigd is door een advocaat dient het mandaat
schriftelijk te zijn.
De Raad kan de persoonlijke verschijning bevelen.
Art. 11. De beslissingen aangaande de inschrijving moeten binnen zestig dagen na
ontvangst van een volledig aanvraagdossier worden betekend bij ter post
aangetekende brief.
Art. 12. De lijst van de ingeschreven landmeters-experten, bijgehouden door de
Federale Raad, wordt gepubliceerd op de internetsite van de FOD Economie,
K.M.O., Middenstand en Energie.
Art. 13. De lijst van de ingeschreven landmeters-experten vermeldt de namen en
de voornamen van alle opgenomen landmeters-experten, de datum van hun eerste
inschrijving of, in geval van eerdere schrapping, de datum van herinschrijving,
de woonplaats en de zetel van de professionele activiteit. De gehuwde vrouwen,
die de naam van hun echtgenoot aanwenden, kunnen op hun verzoek eveneens vermeld
worden onder deze naam, doch met verwijzing naar hun meisjesnaam, waaronder de
andere informatie is opgenomen.
Wanneer een op de lijst opgenomen persoon verzoekt om zijn schrapping, wordt
deze geregistreerd op de eerstvolgende vergadering van de Federale Raad, met
dien verstande dat de schrapping van kracht zal zijn vanaf de datum van het
verzoek.
Afdeling 2. - Tuchtprocedure
Art. 14. De voorzitter van de Federale Raad, ingelicht over een tekortkoming of
bij wie een klacht in tuchtzaken of een geschil inzake erelonen aanhangig is
gemaakt, kan een werkend of plaatsvervangend lid van de Raad aanwijzen om de
zaak te onderzoeken. Dat lid brengt verslag uit aan de voorzitter.
De verslaggever kan worden gehoord door de Raad; hij neemt niet deel aan de
beraadslagingen.
Art. 15. De betrokken personen worden, ten minste dertig dagen vóór de datum
van de vergadering, bij ter post aangetekende brief uitgenodigd om te
verschijnen. Tijdens die termijn moet het tuchtdossier ter beschikking van de
betrokkene worden gelaten.
Zij kunnen zich laten vertegenwoordigen of bijstaan.
Wanneer zij niet vertegenwoordigd zijn door een advocaat, dient het mandaat
schriftelijk te zijn.
Art. 16. De beslissingen in tuchtzaken of inzake erelonen moeten worden betekend
binnen vijftien dagen na de uitspraak. In tuchtzaken gaat deze betekening
vergezeld van alle nuttige inlichtingen, betreffende de termijnen en de regels
inzake het beroep. Ontbreken die inlichtingen, dan is de betekening nietig.
IV. De Federale Raad van Beroep
Art. 17. Het beroep, ondertekend door degene die het instelt, wordt gericht aan
de griffier van de Federale Raad van Beroep en wordt met een aangetekende brief
opgestuurd.
Het beroep heeft schorsende kracht; het moet worden ingediend binnen de dertig
dagen na de kennisgeving van de beslissing van de Federale Raad.
Het bewijs voor de datum van de indiening van het beroep wordt geleverd door de
datum van de poststempel.
Art. 18. Dadelijk na ontvangst van het beroep schrijft de griffier het in, in
een daartoe aangelegd register onder een volgnummer en vraagt hij aan de
griffier van de Federale Raad hem het dossier mee te delen.
Art. 19. Elke week stuurt de griffier naar de voorzitter de lijst van de zaken
waarvoor nog geen zitting is vastgesteld. De voorzitter legt de datum vast
waarop de aan de Federale Raad van Beroep voorgelegde zaken zullen worden
onderzocht.
Art. 20. De griffier roept de voorzitter en de werkende assessoren van de
Federale Raad van Beroep op voor de vastgestelde zitting. Als een werkend lid
verhinderd is, roept de griffier de plaatsvervanger op.
De griffier roept de partijen ten minste tien dagen voor de zitting op bij ter
post aangetekende brief en duidt de plaats, de dagen en de uren aan waarop het
dossier kan worden geraadpleegd.
Bij tuchtzaken wordt de termijn op dertig dagen gebracht.
De inzage gebeurt ter plaatse in het bijzijn van de griffier.
De personen die gemachtigd zijn de appellant bij te staan of te
vertegenwoordigen mogen hem eveneens bijstaan of vertegenwoordigen bij de inzage
van het dossier.
Art. 21. De beslissingen worden met redenen omkleed en vermelden :
1° de volledige identiteit van de partijen, en in voorkomend geval, die van de
persoon die ze vertegenwoordigt of bijstaat;
2° de datum van oproeping van de partijen, alsmede hun eventuele aanwezigheid;
3° de naam en voornaam van de leden van de Federale Raad van Beroep die hebben
deelgenomen aan de beraadslaging;
4° de datum van de uitspraak.
De beslissingen worden binnen de zestig dagen nadat het beroep werd ingediend
met een aangetekende brief ter kennis gebracht aan de aanvrager.
Art. 22. De beslissing wordt bij verstek gewezen ten opzichte van de partij die
na de oproeping haar middelen niet schriftelijk heeft uiteengezet, noch op de
zitting is verschenen of vertegenwoordigd is geweest.
Een bij verstek gewezen beslissing in tuchtzaken is vatbaar voor verzet. Dit
verzet moet met een aangetekende brief betekend worden. Uiterlijk de dertigste
dag na die waarop het afschrift van de beslissing is ontvangen, dient die brief
te worden verzonden.
De partij die verzet aantekent en die een tweede maal in gebreke blijft kan niet
opnieuw verzet aantekenen.
V. Slotbepalingen
Art. 23. De in dit besluit vermelde termijnen worden berekend overeenkomstig de
artikelen 48 tot 57 van het Gerechtelijk Wetboek.
Art. 24. Onze Minister van Middenstand is belast met de uitvoering van dit
besluit.
Gegeven te Brussel, 22 maart 2004.
ALBERT
Van Koningswege :
De Minister van Middenstand,
S. LARUELLE